"Bij alles wat we doen moeten we ons afvragen: is dit wel zinnig?"

Hoe werken ziekenhuizen aan Juiste zorg op de juiste plek? Waar ligt de focus, en hoe zien zij deze beweging? We spraken hierover met bestuurders van verschillende ziekenhuizen. Het eerste interview in de reeks is met Arno Timmermans, voorzitter raad van bestuur van het Dijklander Ziekenhuis, bestuurslid van de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuis, en lid van de stuurgroep van het programma JuMP.

Miniatuur

Hoe kijk je tegen de juiste zorg op de juiste plek aan?

Elke zorgverlener heeft de intentie om de juiste zorg te verlenen. En zo een bijdrage te leveren aan het welzijn en de gezondheid van de patiënt. Toch blijkt dat het soms nog beter kan. Door de zorg anders te organiseren, kunnen we nog meer waarde toevoegen voor de patiënt. De beweging richting de juiste zorg op de juiste plek draagt hieraan bij. Het sluit mooi aan bij de intrinsieke motivatie van elke zorgverlener en helpt daarnaast bij het toekomstbestendig en betaalbaar maken van de zorg. Bij alles wat we doen moeten we ons afvragen: is dit wel zinnig? Wat kan er beter? Dit betekent dat we op bepaalde punten minder zorg of andere zorg gaan leveren. Dit creëert vervolgens weer ruimte op andere terreinen.

Wat betekent de beweging voor de ziekenhuiszorg?

Het ziekenhuis is traditioneel georganiseerd in kolommen van specialismen. Iedereen doet op zijn eigen terrein het beste voor de patiënt. Patiënten komen steeds vaker met meerdere aandoeningen in het ziekenhuis terecht en zien daar verschillende medisch specialisten. En ook al doen die allemaal het goede, het totaalplaatje is niet altijd het beste voor de patiënt. Bijvoorbeeld omdat de patiënt voor elke afspraak apart naar het ziekenhuis moet komen. De uitdaging is om de zorg meer in samenhang te organiseren, zodat de patiënt minder vaak naar het ziekenhuis hoeft te komen. Ander vraagstuk is of het ziekenhuis altijd de juiste plek is om de zorg te verlenen. Is de patiënt niet beter af thuis, in de eerste lijn of in de langdurige zorg? Ook moeten we kijken of alle diagnostiek in ziekenhuizen wel zinvol is. We zien daarin regionale verschillen, het ene ziekenhuis maakt bijvoorbeeld vaker een röntgenfoto dan het andere. Zijn die verschillen verklaarbaar, is die foto wel altijd zinvol? Dat moeten we tegen het licht houden.

Wat doet jouw organisatie op het gebied van de juiste zorg op de juiste plek?

In ons ziekenhuis hebben arts-assistenten kritisch gekeken naar de laboratoriumdiagnostiek die we standaard uitvoeren wanneer een patiënt binnenkomt op de SEH. Daaruit bleek dat niet alle labtesten altijd nodig zijn. We hebben ze daarom geschrapt uit het ‘standaardpakket’. Het gaat om kleine aanpassingen, die per patiënt misschien niet veel opleveren. Maar als je het optelt naar het hele ziekenhuis of zelfs heel Nederland, dan gaat het wel om significante besparingen. Daarbij is het leuk dat een groep jonge artsen het fenomeen zinnige zorg omarmt en onderzoekt wat zij daaraan kan bijdragen. Het is een belangrijk element in hun opleiding, iets dat ze meenemen in hun verdere carrière.

Waar ben je nog meer trots op?

We zijn heel blij met de betrokkenheid van wijkverpleegkundigen op onze SEH. Steeds vaker belanden mensen met een zorgprobleem in een ziekenhuisbed, terwijl ze geen absolute ziekenhuisindicatie hebben. Vaak gaat het om kwetsbare ouderen. Voor die groep regelt de wijkverpleegkundige al direct na binnenkomst op de SEH een thuiszorgindicatie en vervolgzorg. Voorheen namen we deze patiënten direct op, terwijl een ziekenhuisopname voor kwetsbare ouderen ook risico’s met zich meebrengt, zoals de kans op een delier. Ander mooi voorbeeld in ons ziekenhuis is het toenemende gebruik van keuzehulpen voor patiënten, als hulpmiddel in het proces van samen beslissen. Bij liesbreuken zien we bijvoorbeeld een steeds grotere betrokkenheid van patiënten bij de keuze om wel of niet te opereren.

Waar liggen nog kansen in je organisatie of regio?

De regio is hard aan het werk met mooie initiatieven, maar het blijkt een kwestie van de lange adem. Ook is het de vraag is of we voldoende volume halen om de autonome groei op te vangen. Opschaling is belangrijk. Op het gebied van zorg op afstand gebeurt al veel, maar vaak nog niet op grote schaal. In het Dijklander ziekenhuis werken we bijvoorbeeld met monitoring op afstand bij patiënten met hartfalen, maar het gaat nog maar om enkele tientallen patiënten. Om op te schalen is het van belang dat de verschillende partijen rondom de patiënt nog meer met elkaar gaan samenwerken. De samenwerking moet goed verlopen, het gaat immers vaak om complexe problematiek in de thuissituatie. Om netwerkzorg te kunnen leveren is snelle en veilige informatie-uitwisseling nodig. De wijkverpleging moet ruggespraak kunnen houden met de medisch specialist. Dit vraagt om een robuuste infrastructuur.  

Zie je nog kansen op het gebied van de bekostiging?

Als we de volume willen beperken, dan is een betaling per verrichting of activiteit niet logisch. Afspraken over prijs maal volume (P*Q) zijn niet bevorderlijk bij het realiseren van zinnige zorg. Meerjarenafspraken zijn daarentegen wel een essentieel element. Op termijn zullen we de financiering moeten aanpassen. Dat betekent niet dat het hele stelsel op de schop hoeft, binnen het huidige stelsel is gelukkig al veel mogelijk.  

Wat vind je van het programma JuMP?

We staan met elkaar voor de opdracht om de zorg ook in de toekomst toegankelijk en betaalbaar te houden. Met JuMP zijn we goed op weg, samen met de leden. Ik hecht veel waarde aan de interactie met de leden. Wat hebben ze nodig om met de juiste zorg op de juiste plek aan de slag te gaan? Maar ook: hoe kunnen zij ons en anderen helpen om de beweging verder te brengen? Die wisselwerking maakt dat we echt stappen kunnen zetten met elkaar.